€ 191,--

ASKTOMTraingsprogramma voor kleuters vanaf 5 jaar, die problemen hebben met het (aan)leren van de (voorbereidende) rekenvaardigheden.

 

 

 


 

 

 

bestellen-knop

 


Auteurs: Prof.dr. Hans van Luit & dr. Esther Schopman
ISBN/EAN: 9075129351


Getalbegrip op kleuterniveau kan gezien worden als een voorbereidende rekenvaardigheid die ertoe bijdraagt dat het aanvankelijke reken/wiskunde- onderwijs vanaf groep 3 probleemloos gevolgd kan worden. Er is echter een aanzienlijk aantal ontwikkelingsbedreigde kleuters (ca. 60%) dat onvoldoende getalbegrip op kleuterniveau ontwikkelt. Een deel van deze kinderen maakt kans op problemen in het verdere rekenonderwijs omdat de basisvaardigheden, die bijdragen tot getalbegrip op kleuterniveau, dan nog onvoldoende aanwezig zijn. Voor deze kinderen is "Als speciale kleuter tel je ook mee!" ontwikkeld. Dit is een remedieel programma dat op geïntegreerde wijze door middel van gevarieerde activiteiten probeert kinderen met onvoldoende getalbegrip op kleuterniveau te stimuleren met de ontwikkeling hiervan, zodat ze zonder achterstand aan het rekenonderwijs in groep 3 kunnen beginnen.

Het programma is gebaseerd op "De rekenhulp voor kleuters" ten behoeve van 'zwakke' kleuters in het basisonderwijs (Van Luit & Van de Rijt, 1995). In de praktijk bleek echter dat dit programma niet voldoende aansloot bij in hun ontwikkeling bedreigde kleuters. Zo hadden de kleuters in het speciaal onderwijs twee keer zoveel tijd nodig om de lessen van het programma te doorlopen in vergelijking met de kleuters in het basisonderwijs. Verder was de hoeveelheid oefenstof voor sommige vaardigheden te beperkt. Tenslotte bleken kleuters met een ontwikkelingsachterstand dikwijls de telrij tot en met vijf nog niet te beheersen, waarop in de drie lessen van "De rekenhulp voor kleuters" onvoldoende kon worden ingespeeld. Via een aantal experimenten, evaluaties en revisies is het rekenhulpprogramma ten behoeve van kleuters in het speciaal onderwijs aangepast. Zo is "Als speciale kleuter tel je ook mee!" ontstaan.

Een belangrijk verschil met het rekenprogramma voor het basisonderwijs is het gebruik van de 'turfstructuur'. Door 'turfstructuren' als getalbeelden te gebruiken, is een overgangssituatie gecreëerd van concreet materiaal naar (abstracte) cijfersymbolen. Getalbeelden leggen de werkelijkheid vast in een model door middel van een één-op-één relatie met objecten in de werkelijkheid.Het verband met de werkelijkheid is zodoende nog aanwezig. De turfstructuren die worden gebruikt, zijn aangepast aan het begripsniveau van de kinderen.Om een hoeveelheid van vijf aan te geven, wordt een ellips om vijf streepjes getrokken ( ||||| ). De turfstructuur kan behulpzaam zijn bij het verkorten van uitvoerige telstrategieën. Vooral zwakke rekenaars blijken zich, ook op oudere leeftijd, niet te kunnen losmaken van het tellend oplossen van optel- en aftrekproblemen. Turfstructuren kunnen hen daar mogelijk bij helpen. Ze bieden een structuur die het verkorten ondersteunt.

Het programma "Als speciale kleuter tel je ook mee!" biedt zo een voorbereidende aanpak voor rekenvaardigheden die aansluit bij dat wat van kleuters op het gebied van reken/wiskundige vaardigheden verwacht mag worden.

Voor wie is "Als speciale kleuter tel je ook mee!" bedoeld?
Het programma "Als speciale kleuter tel je ook mee!" is bedoeld voor in hun ontwikkeling bedreigde kleuters vanaf 5 jaar, die problemen hebben met het (aan)leren van de (voorbereidende) rekenvaardigheden. De opgedane kennis leidt tot voldoende getalbegrip op kleuterniveau voor de overgang naar groep 3. Het programma biedt leraren de mogelijkheid om kinderen met een laag ontwikkelingsniveau van getalbegrip op verantwoorde wijze de voorbereidende aspecten van getalbegrip op kleuterniveau binnen geïntegreerde activiteiten aan te bieden.

Hoe ziet "Als speciale kleuter tel je ook mee!" eruit?

Lessen
Het programma bestaat uit 20 lessen. Hoewel elke les een didactische eenheid is, betekent dit niet dat aan één les ook één lestijd besteed moet worden.
Het is meestal nodig om meerdere lestijden aan één les te besteden, zodat de kinderen de aangeboden leerstof goed kunnen verwerken. Steeds zijn vijf lessen gewijd aan een getallencluster. Elk getallencluster wordt afgesloten met een les waarin met behulp van een spel diverse vaardigheden betreffende de aangeboden getallen herhaald worden. Het programma is zo opgezet dat de vaardigheden die binnen de verschillende activiteiten aangeboden worden, ingebed zijn in situaties die aansluiten bij de belevingswereld van jonge kinderen. Hierdoor krijgen de vaardigheden een concrete betekenis en zien de kinderen hoe de verschillende vaardigheden toegepast kunnen worden. De lessen worden binnen thematische contexten aangeboden, zoals hieronder is aangegeven:

Les Thema Getallencluster

1 t/m 4 het gezin 1 t/m 5
5 spel 1 t/m 5
6 t/m 9 het feest 6 t/m 10
10 spel 6 t/m 10
11 t/m 14 de post 1 t/m 10
15 spel 1 t/m 10
16 t/m 19 de winkel 8 t/m 15
20 spel 1 t/m 15

Vaardigheden
In alle lessen komen meerdere voorbereidende rekenvaardigheden geïntegreerd aan de orde met als zwaartepunt diverse telvaardigheden. De vaardigheden bouwen op elkaar voort, maar komen regelmatig terug als een nieuw getallencluster behandeld wordt. In het programma wordt gestreefd naar het goed resultatief kunnen tellen, waarbij van handige strategieën, zoals het verkort tellen of het tellen met behulp van vingers of turfstructuur, gebruik wordt gemaakt.

Instructiewijze
De instructie die opgenomen is bij elke afzonderlijke activiteit bestaat uit twee stappen. In deze vorm van didactiek komt de leraar tegemoet aan de instructiebehoefte van zwakke rekenaars en wordt de nadruk gelegd op het aanleren van adequate oplossingsstrategieën. In eerste instantie begeleidt de leraar de leerling door het stellen van open vragen en het geven van hints. Bij elke activiteit worden voorbeelden van vragen en/of hints gegeven.
De denkvaardigheid van kinderen wordt gestimuleerd en zij leren zelf hun eigen rekenkennis te construeren. Wanneer de kleuters een activiteit op deze wijze niet tot een goed einde kunnen brengen, kan de leraar gebruik maken van een systematisch handelingsplan. Allereerst wordt een manier beschreven om het materiaal te structureren waardoor het makkelijker wordt het telprobleem op te lossen. Daarna geeft de leraar, indien dit nog nodig is, een adequate oplossingsstrategie zowel verbaal als op handelingsniveau. Tenslotte kan de leraar gebruik maken van het modelleren aan de hand van de volgende stappen: voordoen, samendoen en nadoen.
Deze stappen zijn uitsluitend aan te bevelen als geen van de leerlingen een oplossingsweg laat zien of als de eerdere suggesties van de leraar niet tot probleemoplossend gedrag hebben geleid.

ASKTOMKDASKTOMKO







Materiaal

Het te gebruiken materiaal is afwisselend concreet (bijvoorbeeld tien pennen uit de winkel voor schrijfspullen), semi-concreet (bijvoorbeeld een kaartje met de afbeelding van een pen en eronder in 'turfstructuur' hoeveel pennen het  kind moet kopen) en abstract (cijfersymbolen als kassabon). Reden hiervoor is dat ons inziens kinderen niet alleen in concrete of abstracte situaties telvaardigheden moeten leren, maar dat de overgang van het ene naar het andere niveau van abstractie vloeiend moet verlopen. Alleen dan zullen zij inzicht krijgen in de wereld van getallen, in het bijzonder dat bijvoorbeeld het symbool '5', vijf eenheden c.q. voorwerpen betekent. Het semi-concrete materiaal bestaat uit kaartjes met afbeeldingen erop. Dit materiaal is opgeborgen in een bijgeleverde doos.

Hoe gebruikt u "Als speciale kleuter tel je ook mee!"?
Het programma is uitgeprobeerd bij kleine groepjes van drie tot vijf kinderen. Over de mogelijkheden voor grotere groepen kinderen kunnen we geen betrouwbare uitspraken doen. Bij een groepsgrootte van drie tot vijf kinderen heeft de leraar nog voldoende mogelijkheden zijn aandacht te verdelen over de kinderen en kan hij rekening houden met individuele verschillen die tussen de kinderen kunnen bestaan. Het programma biedt voldoende mogelijkheden om binnen een groepje te differentiëren.

Het programma bestaat uit :
1 ringband (192 pag.) met handleiding, lessen, kopieerbladen, spelletjes, speelvelden, houten speldoos met ±240 kunststof speelkaartjes (deze moeten eenmalig gesneden worden).


bestellen-knop

 


Andere producten van deze auteur:

ARHKUGTR